BRANDEN IN ODOORN

 

Odoorn is in het verleden vele malen getroffen door branden. De houten behuizingen die met riet waren bedekt, waren een makkelijke prooi voor de vlammen.
Door de twee pastoriebranden van 1733 en 1823 is al het oude materiaal uit de kerkgeschiedenis van Odoorn verloren gegaan.

 

  In de nacht van donderdag 26 september 1823 werd brand ontdekt in één van de boerderijen. Binnen een uur werden 
  drie boerderijen en de pastorie door de brand verwoest (ook in
1733 werd de pastorie al door brand verwoest). 
  De predikant en zijn dienstbode konden zich ternauwernood uit de vlammenzee redden. Bij deze brand verloren acht 
  runderen en één varken het leven. De oor
zaak van de brand was niet bekend.

  Bij deze brand zijn vermoedelijk de kerkelijke registers van dopen, huwelijken en overlijden voorafgaand aan de invoering
  van de burgerlijke stand vernietigd.

 ************************************************************************************************************************
 
Op vrijdagavond 1 maart 1856 brak rond 9 uur brand uit aan het zuidelijke einde van het dorp, in het huis dat toen
  toebehoorde aan
de weduwe K. Sanders. Het huis werd door haarzelf en haar zoon bewoond.
 
Een kamer in het huis was verhuurd aan F. Hilter, koopman in manufacturen. 
  Bij deze brand verloren negen schapen en een kalf het leven.
************************************************************************************************************************
 
In 1843 werd er een olie- en korenmolen in Odoorn gebouwd in de buurt van het huidige Blauwgras / Wolverlei.
  Deze molen is in
1863 volledig afgebrand.  
 
Bron: De bevolking van het kerspel Odoorn 1200 - 1812 
************************************************************************************************************************
 
Door onbekende oorzaak brak op vrijdag 26 november 1897 omstreeks half zeven brand uit in de boerderij van 
  Roelof Marissen. Aangewakkerd door een stevige wind uit het zuidwesten stond het gebouw weldra in lichterlaaie. 
  Het gebouw
was met riet bedekt en tot de nok gevuld met hooi en stro. In een mum van tijd sloeg de brand over op 
  het logement, tevens boerderij, van de heer Kuipers. Enige momenten later
vlogen ook de boerderijen van de weduwe
  Reinders en Jan WilIem Schutrups in brand. 
  
  Ook de kerk en de toren werden een prooi van de vlammen. Door vereende krachten kon de brand tot deze gebouwen
  worden beperkt. Bij
deze brand zijn vele koeien en schapen omgekomen.
  Direct na de brand werd een commissie gevormd, die de opvang moest regelen van de nog overgebleven dieren. Men
  vroeg zich af hoe het mogelijk was dat de toren van de kerk vlam kon vatten,
daar deze geheel uit steen was opgetrokken.
  De lezingen liepen hierover nogal uiteen:
 
lemand beweerde dat door de vonken de droge kraaienesten vlam hadden gevat. 
  Een ander had gezien, dat een stuk brandend spek door een klankgat naar binnen was gevlogen.
  In het Kerkkrantje nr. 182 uit 1954 wordt het vermoeden beschreven dat de brand zou zijn aangestoken.

  Met de kerk verbrandde ook het orgel dat in 1860 door de heer Zegering aan de kerk was geschonken.

   


     Rechts:  toen café Dijkstra.......nu De Boshof
  Op 3 mei 1954 brandde café Dijkstra tot op de grond af. 
  De eigenaar was de heer Kamies.

  Hiernaast een foto uit 1947 waarop aan de rechterzijde
  een deel van het café zichtbaar is.

  

  Dit is waarschijnlijk de enige foto van de situatie vóór 
  de brand.

 
Met dank aan de heer Middeljans sr.

  Waarschijnlijk zijn dit de jeugd- en jongerengroepen 
  van de NH kerk.
  Onbekend is de aanleiding voor het maken van deze
  foto. 
  Geheel rechts zit dominee van Lunzen. Naast hem zit 
  de bekende Max Douwes.

 
bron: J. van der Bend

  In de nacht van zondag 27 oktober 1963 ging de boerderij die bewoond werd door de
  gezinnen K. en H. Boersma aan de Dilweg in vlammen op. Er kon vrijwel niets worden
  gered, de vijf inwonenden moesten in allerijl de woning verlaten, sommigen zelfs in
  nachtkleding.
  In de vlammenzee kwamen drie jonge stieren om, de stro-opbrengst van zes hectare
  land en een groot aantal landbouwmachines gingen eveneens verloren. De schade
  was aanzienlijk en werd gedekt door de verzekering.
  De brandweer zag kans om de omliggende gebouwen van de KI en van de heer
  Stevens door nathouden te vrijwaren van brand. De boerderij was eigendom van de
  heer J. Gerner.

  Bron: Dorpskrant Odoorn 1e jaargang nr. 6 febr. 1989
 

 
    
  Op de plek van de afgebrande boerderijen staan nu twee "afwijkende" 60-er jaren
  woningen.

 

 


                                     Hier de boerderij vóór de brand.
 

  

  Odoorn - Theehuis Poolshoogte in de Staatsbossen bij Odoorn
  is in de nacht van maandag op dinsdag door brand verwoest. 
  Van de door velen geliefde, idyllisch gelegen pleisterplaats
  resteren slechts de geblakerde muren. Over de oorzaak van de
  brand is nog niets met zekerheid te zeggen, maar de politie
  sluit brandstichting niet uit. De schade loopt in de tonnen.

  De brand werd rond tien uur ’s morgens ontdekt door de 
  leidster van een groep wandelaars (nordic walking), maar toen
  was er van het pand al vrijwel niets meer over. Op grond
  daarvan wordt vermoed dat het vuur in de nachtelijke of
  vroege ochtenduren heeft gewoed.

  De brandweer kon weinig meer uitrichten. Deze week komt de 
  technische recherche onderzoek doen naar de oorzaak. 
  Eigenaar Martin Venema van ’Poolshoogte’ houdt er zelf
  ernstig rekening mee dat er sprake is van boos opzet. 
  ”Ik weet zeker dat ik maandagavond bij het verlaten van het
  theehuis alles heb uitgedaan en de boel goed heb afgesloten.”
  Venema wil het pand herbouwen. 
  Hij laat weten, goed verzekerd te zijn.

  uit het Dagblad van het Noorden van 04 oktober 2005
  


     De Poolshoogte vóór de brand.
  De brand die op 16 mei 2006 Hotel Odoorn in de as legde
  was tot ver buiten het dorp te zien. 
  Met zes brandweerwagens werd de vlammenzee te lijf
  gegaan. Helaas konden zij niet voorkomen dat het gehele
  pand verloren ging.